U MAD BRO? Over het gevaar van overgevoeligheid en de vreemde interpretatie van wetgeving

Fry speaks out. U mad?

Vroeger had je stille tochten. Iemand was jammerlijk om het leven gekomen, hetzij door grove nalatigheid, hetzij door geweld, en dat dan vaak ook nog zinloos. Het nieuws ging er mee aan de haal en binnen een dag of twee waren er comités opgericht en werden er spandoeken gemaakt waar tegen beter weten in ‘nooit meer’ op stond. Het lieveheersbeestje werd afgestoft, van stal gehaald en opgezadeld. Het centrum van Bergharen werd afgezet en iedereen was er klaar voor. De menselijke verontwaardiging behoeft nou eenmaal een podium.
Het liefst wordt er een schuldige aangewezen, vooral als dat moeilijk te bepalen was, zoals in het geval van nalatigheid. Als de daders duidelijk zijn geprofileerd wordt meestal de gehele achterban door de mangel gehaald, inclusief maar niet beperkt tot opvoeders en omgeving. Indien er etniciteit in het spel is wordt het nog vager, om de simpele reden dat Nederlanders zichzelf niet als bedreigend ervaren, wederom tegen beter weten in, maar dat terzijde.
Nadat het winkelcentrum in Alphen overhoop was geknald door een gewone blonde jongen wiens vader een wapenvergunning had bleef het betrekkelijk stil, vooral om de tochten heen. Wij zijn nu eenmaal niet geneigd een onderzoek te eisen over het onaangepast gedrag van bijvoorbeeld Tukkers, want dat zijn wij. Zodoende overheerste de verbazing. Ook de aanvankelijke verontwaardiging over het feit dat de jongen reeds met vuurwapens omging ebde weg. Het zal niet tot uiting komen in de volgende verkiezingen of anderszins invloed hebben op de manier waarop wij naar onszelf kijken.
Als een huisvader op het voetbalveld wordt vermoord door huftertjes van vreemde bloede wordt het idioom natuurlijk makkelijk uitgebreid. Heeft de achtergrond er iets mee te maken misschien? In Barcelona schijnt men zich dat af te vragen over Chilenen, in Oostenrijk over Duits-Russische immigranten. Natuurlijk is bijvoorbeeld het Marokkaanse aandeel op juridisch gebied vooral te vinden op het criminele vlak en minder in de advocatuur, dat is bekend, maar het blijft een instinctieve reflex om etniciteit alleen te betrekken in een analyse als die identiteit niet de onze is.

Tegenwoordig hoeven de traditionele media er niet eens meer aan te pas te komen. We hebben het internet om onze verontwaardiging in te verzamelen. Wij bepalen of iets viraal gaat, wij vormen het nieuws. Dat heeft tot gevolg dat de stille tocht grotendeels vervangen lijkt te gaan worden door lawaaidemonstraties op het web, op fora als Facebook en Twitter, waarbij schelden en bedreigen geoorloofde middelen zijn. Nu zou je kunnen denken dat ik dat fout vind, niets is echter minder waar. Ik denk dat het wel goed is dat we, ons achter een moniker verschuilend, dingen kunnen roepen die we onder eigen vlag niet zouden moeten proberen. Het lucht op, en baadt het niet dan schaadt het niet.
Wat ik wel heb opgemerkt is dat door die brute directheid de gevoeligheid van mensen zwaar op de proef wordt gesteld. Dat resulteert in nieuwe verontwaardiging, deze keer aan het adres van een ieder die kwetst. ‘Onnodig’, wordt daar vaak aan toegevoegd, net als geweld zich lieerde aan het addendum ‘zinloos’. Hier gaat de schoen wringen. Kwetsen is een modewoord geworden dat bij het minste en geringste wordt gebruikt om anderen het zwijgen op te leggen. Omdat het ‘kwetsend’ is. Omdat iemand ‘beledigd’ is.

In Engeland is ophef ontstaan om een wetgeving uit de jaren 80 die handelt over ‘belediging’, zonder dat begrip duidelijk af te kaderen. Politie en justitie maken steeds vaker gebruik van die wet om mensen snel en makkelijk het zwijgen op te leggen. Een paar recente voorbeelden: een Engelse tiener is eerst veroordeeld en toen vrijgesproken voor het roepen van ‘woef’ naar een Labrador. I kid you not. Tevens is er dat verhaal van die jongeman die gearresteerd werd toen hij een lid van de bereden politie de volgende epische zinsnede toevoegde: “Excuse me, do you realise your horse is gay?” De diender in kwestie vond de opmerking ‘beledigend voor voorbijgangers’.  Waarom die voorbijgangers door een opmerking over een paard beledigd moesten zijn, en of er homoseksuele voorbijgangers waren wordt niet vermeld. Het mes snijdt aan twee kanten. Er is ook een priester opgepakt die had gezegd dat hij homoseksualiteit als afwijking beschouwde. Dat is, hoe verwerpelijk ook voor weldenkende mensen, zijn goed recht zolang hij zich aan de wet houdt.

Het gevolg van vrijheid is dat er wel eens iemand beledigd zou kunnen worden, door sarcasme, parodie of gewoonweg door een tegengestelde mening. Op dat recht is onze maatschappij gevormd, dat dient onvervreemdbaar te zijn. Al snel komt er iemand om de hoek die zegt dat dat geen vrijbrief is om elkaar maar af te gaan katten, maar ook dat is maar gedeeltelijk waar. Kat wat je wilt, het is je recht. Alle veranderingen, klein en groot, beginnen met wrijving. Met gekanker. Met het niet ontzien van tegenstanders. Dat we elkaar vervolgens niet fysiek toetakelen is een afspraak die in wetten vergoten zit, en dat is genoeg.
Vaak wordt er tot op het bot gediscussieerd en soms worden daar die veel besproken ‘onnodige’ schijnargumenten aan toegevoegd, zoals ‘wat een verschrikkelijke zeikhomo ben je toch’. Als je daarvoor opgepakt kan worden is er iets fundamenteel mis met onze jurisdictie. Het gegeven dat je je beledigd voelt interesseert me geen moer als ik een punt wil maken, het is goddomme geen Lingo.

Wel is het een feit dat domweg beledigen geen hout snijdt, maar dat moet iedereen voor zichzelf weten. Sommigen hebben een functie gekregen op de interwebs als razende Roelanden, schreeuwlelijke trollen die gehakt maken van hun eigen stokpaardjes, zonder dat het ze meer oplevert dan tijdelijke netcelebrity status. Laat ze. Er zit, net als op de tv, een knop op je computer. Het is niet jouw internet namelijk, het is van iedereen, ook van trollen en zwakbegaafden. En het is zo groot, dat je altijd wel iemand voor het hoofd stoot. So fucking what?

beledigd?

Twee voorbeelden

Nederlands jongetje pleegt zelfmoord, hij is gepest in zijn omgeving waarschijnlijk omdat hij als homo werd beschouwd door de bullies. De ouders plaatsen onmiddellijk een enorme rouwadvertentie in een krant, met het zelfmoordbriefje erbij. Of je wil of niet, als je dat doet word je zaak gedeeltelijk publiek bezit. Je doet dat om discussie uit te lokken. Dan moet je sterk in je schoenen staan, je kan namelijk niet verwachten dat iedereen ja en amen roept. Discussie en steunbetuigingen, maar ook ironie, sarcasme, haat en parodie, ze komen allemaal langs op je feestje. Dat is de hoge prijs die je betaalt voor media aandacht. Een ijzeren wet treedt in werking: je profiteert door de aandacht en je gaat gebukt onder diezelfde aandacht. De keus was aan de ouders.

Of het recente nieuws over twee radio dj’s in Australie, waarvan er een de Britse koningin imiteerde aan de telefoon. Ze werd door een verpleegster zonder problemen doorverbonden met Kate Middleton. De verpleegster, getrouwd, twee kinderen, realiseerde zich dat ze een foutje had gemaakt en hing zichzelf op. Laat dat even tot je doordringen: ze pleegt zelfmoord om een klein, menselijk vergissinkje. Twee kinderen. Foutje, bedankt. De hele wereld in rep en roer. De meningen liggen weer klaar om af te vuren, de goegemeente grijpt naar de collectieve verontwaardiging en schijt als een bende spreeuwen de boel onder, alvorens met z’n allen weer verder te vliegen.
Als er ook maar iemand meent de dj’s hiervan de schuld te moeten geven, dan ben ik bereid tot een verregaande discussie, ook al omdat ik het hier volgens mij redelijk uitleg. Indien iemand na zo’n gesprek besluit een fles bleek achterover te slaan is dat volledig voor eigen rekening. Leg het boven maar uit, maar laat mij erbuiten. Want ik ga me niet verontschuldigen voor iets dat in de basis niet meer is dan een uitwisseling van informatie. Daarom moeten we uitkijken dat we ons niet door triviale tragedies laten verleiden tot strengere regels en meer oppressie, want uiteindelijk is het oude adagium van toepassing; ‘In the end, it can and will be used against you.

VAN STIERLIJK VERVELEND TOT BLIJKBAAR STAATSGEVAARLIJK

Barrett Brown thuis vóór de FBI raid, met opgezette kat.

In Amerika heeft alles een nog duidelijker politiek tintje. Gisteren stond Barret Brown, druggie/schrijver/journalist/mafkees, geassocieerd met hacktivistische clubs als Lulzsec en Anonymous in het algemeen, terecht voor het verwijzen naar een URL die informatie bevatte over Stratfor Security, een aan Washington verbonden bedrijf. De hack was door anderen uitgevoerd, die allang gearresteerd zijn. Het enige dat Barrett Brown heeft gedaan is openbaar verwijzen naar de data. Dat is vergelijkbaar met hardop roepen dat er ergens op straat een zak met geld ligt waarvan de politie het bestaan al weet. Hij heeft de informatie niet gebruikt om er rijker van te worden of mensen te bedreigen. De enige reden dat hij nu gearresteerd is heeft overigens wel te maken met bedreiging; Barret had op Tinychat staan fulmineren tegen een met naam en toenaam bekende FBI-agent die een inval bij Brown’s moeder had gedaan. Dat was om hem te pesten. Tijdens de Tinychat sessie stormde de FBI ook bij hem binnen en nam alles in beslag, dat wil zeggen een berg papier en een oude laptop. Barrett Brown zit nu drie maanden vast. Er hangt hem maximaal 15 jaar boven het hoofd, ook wegens een verdenking van het mogelijk bezit van gestolen creditcard gegevens. Die gegevens stonden nu eenmaal in de buit van de Stratfor hack. Dus via deze redenering ben ik strafbaar als ik op het Leidseplein met een bord in mijn handen ga staan waar een verwijzing naar een site van Wikileaks opstaat. Of laat ik het nog moeilijker maken. Stel ik sta op het Leidseplein met een spandoek waarop de URL van een website te lezen valt die kinderporno verspreidt. Ben ik dan strafbaar? Zonder naar mijn motieven te vragen bijvoorbeeld?

We bevinden ons op een hellend vlak. Het internet wordt door regeringen en bedrijven gezien als een spiegel van de echte wereld. Dat is niet correct. Je kan eenvoudigweg niet dezelfde protocollen gebruiken voor beiden. Dat heeft meerdere oorzaken, waarvan de belangrijkste is dat het hele bestaansrecht van het internet, de aard van het beestje zeg maar, gebaseerd is op vrije uitwisseling van data, niets meer en niets minder. Een wijs man heeft zo ooit opgemerkt dat ‘het internet copyright beschouwt als een programmeerfout, en er vervolgens omheen werkt’.
Bijkomend probleem is dat de natuur van informatiedragers veranderd is. The Pirate Bay heeft geen content; er staan geen gestolen spullen op. Er staan torrents op, oftewel het is een site die verwijst naar eventueel gekopieerde inhoud.
De industrie kijkt met haar prehistorische ogen naar een mastertape en ziet een blue-ray DVD, een CD, een tastbaar stuk bewijsmateriaal dat wij dienen aan te schaffen. Maar ik wil geen schijfjes in mijn huis, dat geeft troep en ze doen het na verloop van tijd toch niet meer. Bovendien wil ik iets meestal niet voor altijd. Producten zijn tijdelijk. Inertie, weet je. Ik wil een stuk muziek of een film kunnen streamen of downloaden en weer wegflikkeren, ik ben geen horder of zo. Ik zou willen zeggen: hou je rotzooi bij je. Spotify heeft dat goed begrepen, al maken ze geen winst. Ze moeten te veel betalen voor de content, simpel zat. Het ligt niet aan Spotify.
Wat er nu gebeurt is dat men zwoegend en puffend probeert dezelfde protocollen op het internet toe te passen als IRL (in real life), een krankzinnig streven aangezien er IRL materie aanwezig is. Die materie kan je niet aan dezelfde regels koppelen als de nullen, enen en andere vormen van code die het net beheersen. Materie bestaat daar niet, alleen verwijzing naar materie. Het is vluchtig als gas, en het hele gebeuren is gebaseerd op kopiëren, niet op stelen, want dat is bijna onmogelijk.

Ons staat een hoop ellende te wachten als we niet oppassen, in de vorm van beperking van vrijheden die essentieel zijn om een discussie te voeren, maatschappelijk of in beperkte kring. Mijn punt is dat we ons die beperkingen te graag laten opleggen als er weer eens ergens wat verontwaardiging en verdriet is neergestreken. Verdriet is een taboe, daar mogen we niks van zeggen. We willen elkaar en onszelf graag tegen dat verdriet indekken. We menen ten onrechte dat meer en strengere regels ons beschermen tegen leed. Dat doen ze niet; ze beschermen degenen die weten hoe het werkt en geloof me, die staan niet aan jouw kant.
Niets biedt bescherming tegen leed, dat, volgens Boeddhisten en Christenen gelijk, sinds het begin der tijden alomtegenwoordig is en deel uitmaakt van ons bestaan, IRL of anderszins. Aan ons de taak om daar mee om te gaan, ieder voor zich en met elkaar. Laat je niet gek maken. En in vredesnaam, man the fuck up. Je bent niet van suiker.

The simple truth is that in a free society, there is no right not to be offended.’

David Davis, former shadow home secretary

Still mad? Kijk m’n filmpje maar.

http://youtu.be/s_wrDJ8LZJQ



Dit bericht is geplaatst in Jaroblog. Bookmark de permalink . Trackbacks en Reacties zijn beide tijdelijk gesloten.